Estafette-intervieu: Erik Oosterink

De VNT geeft haar leden het woord. In een leuk vlot interview leren we de betreffende persoon een beetje beter kennen. Op deze manier willen we naast de professionele kant ook de persoonlijke kant van onze leden belichten. Iedere geïnterviewde mag zelf weten aan welk ander lid hij het stokje doorgeeft. Deze keer is Erik Oosterink aan de beurt.

Vertel eens iets over jezelf

Ik ben Erik Oosterink, 48 jaar oud, vader van Milan (13 jr.) en Jonna (11 jr.) en getrouwd met Birgit. Ik woon in Wageningen, de stad waar ik in 1995 een opleiding Milieuhygiëne heb afgerond aan de toenmalige Landbouw Universiteit.

Welke hobby’s heb je?

Mijn grootste hobby is fietsen of wandelen in de natuur. Ik ben opgegroeid op het platteland van Ederveen, een klein boerendorpje in de Gelderse Vallei. Als kind struinde ik na schooltijd urenlang door weilanden en langs slootjes. Ik kende in de buurt alle bomen waar uilen nestelden, ik wist waar de kievieten en grutto’s broedden en waar je waar je in het voorjaar het eerste kikkerdril kon vinden. Mijn liefde voor de natuur was de reden om na het VWO, Milieuhygiëne te gaan studeren in Wageningen.  In die tijd – eind jaren tachtig – stonden de media bol van alarmistische berichten dat vanwege luchtvervuiling ‘zure regen’ binnen 15 jaar alle bossen in Europa zou vernietigen. Voor mij een reden om mijn ‘milieusteentje’ bij te dragen aan het redden van onze mooie planeet.

Een ander hobby – gevalletje ‘uit de hand gelopen’ – is het schrijven van verhalen. Ik zit in de afronding van een roman – een trilogie – en op dit moment is het even doorbijten om het verhaal tot een goed einde te brengen. Voor mij is schrijven een bijna meditatieve bezigheid; het geeft me rust en verschaft me inzicht. Een prima remedie tegen de zorgen en ergernissen van alledag over klein en groot onrecht.

Welk boek of film spreekt je het meest aan?

Ik vind de schrijfstijl van Carlo Ruiz Zafón erg mooi. In De Schaduw van de Wind beschrijft hij het moment dat de hoofdpersoon trouwt met de liefde van zijn leven: ‘Haar jurk was ivoorkleurig en ze droeg de wereld in haar ogen.’ Een zin waar zoveel schoonheid en gevoel in ligt, dat ik die wel tien keer achter elkaar kan lezen – het gaat niet vervelen.

Voor mij is een boek of een film  een veilige mogelijkheid van de menselijke fantasie om te stoeien met een toekomst, die ongewis is, maar die je wilt kennen en sturen in een richting die jou het beste lijkt. Het is wonderlijk om te zien dat de technologische vooruitgang, die sciencefiction schrijvers zagen, ingehaald wordt door de realiteit. Of dat de totale controle over het individu door de Staat, zoals George Orwel in zijn  boek ‘1984’ beschreef, op een verfijndere manier wordt toegepast in China met het invoeren van een sociaal kredietsysteem per 2020 voor haar 1,3 miljard inwoners.

Ik ben een groot liefhebber van humor. Humor is wat mij betreft de meest sympathieke en effectieve manier om onrecht bloot te leggen én vleugellam te maken. Dat is waarschijnlijk ook de reden dat totalitaire regimes en mensonvriendelijke religies geen fan zijn van humor. Beter dan de ellende van socialistische dictaturen van de afgelopen honderd jaar te bediscussiëren (met een vermeende 100 miljoen burgerslachtoffers) kan je  Goodbye Lenin bekijken, waarin de hoofdpersoon zijn moeder – die bijgekomen is uit een coma – in de waan wil laten dat het communisme heeft gezegevierd en het kapitalisme is gevallen, omdat hij denkt dat de schok voor haar anders te groot zal zijn. Ik vond het heel verfrissend om de rollen eens om te draaien en de communistische propaganda te geloven – de muur is om een vlucht van West naar Oost tegen te gaan en alle kapitalistische, democratische burgers hunkeren naar een communistische dictatuur. Zo lachwekkend, en daarom zo treffend.

Wat is je favoriete muziek of lied?

Toen mijn muzieksmaak tot ontwikkeling kwam in mijn pubertijd luisterde ik vooral naar Marillion en Pink Floyd. Later ben ik ook ‘lichtere kost’ gaan waarderen, zoals Joe Jackson, Jack Johnson en oude ‘soul’ muziek.

Wat is je droom of toekomstvisie?

Mijn toekomstvisie voor mijn praktijk is een ideale balans te vinden tussen werk en privé, waarbij mijn werk en hobby’s zo weinig mogelijk ten kosten gaan van mijn gezinsleven.  Het schrijven probeer ik zoveel mogelijk te doen in de vroege uurtjes – als vrouw en kinderen nog slapen – van 5.00 tot 7.00 uur. Daarna ontbijten we gezamenlijk, waarna de kinderen naar school gaan, mijn vrouw naar haar werk en ik mijn dag start in de praktijk tot het begin van de middag – als mijn vrouw weer terugkomt van haar werk. De rest van probeer ik zoveel mogelijk vrij te zijn om (met vrouw of de kinderen) de ‘natuur’ in te gaan, te sporten of gewoon bij te praten.

Wat voor soort praktijk heb je, en wat doe je? Waarom net deze behandelvorm?

Ik heb een praktijk in acupunctuur en voetreflexmassage, omdat beide behandelvormen erg effectief zijn gebleken bij klachten die ik zelf had.

Welk bijzonder verhaal ligt ten grondslag aan wat je bent gaan doen?

Ik kreeg na mijn afstuderen in mijn eerste baan al vrij snel RSI-klachten, vanwege het vele beeldschermwerk. Op aanraden van een broer van mij, ben ik toen naar een acupuncturist geweest, met een verbluffend goed resultaat. Vanaf dat moment was mijn interesse gewekt in Chinese geneeskunde; ik heb me omgeschoold en ben een aantal jaren later een praktijk gestart.

Werk je samen met anderen?

In de beginjaren heb ik samengewerkt met een collega, daarna niet meer. Ik ben van plan om meer samen te werken met collega’s uit mijn intervisiegroep.

Welke (mooie of bijzondere) resultaten heb je mogen zien in je praktijk?

De mensen die in mijn praktijk komen hebben in hoofdzaak vermoeidheidsklachten en pijnklachten, zoals RSI-klachten, ‘frozen shoulder’, tenniselleboog, rugklachten, hoofdpijn en buikpijn. De meest waardevolle klacht om te behandelen vind ik ‘Posttraumatische dystrofie’. Een combinatie van bloedend cuppen, acupuntuur en voetreflexmassage is doorgaans heel effectief om de klacht in zes behandelingen te verhelpen en blijvende invaliditeit te voorkomen.

Wat is je motivatie om op dit vakgebied bezig te blijven? Wat drijft je?

Er zijn veel goede therapeuten en therapieën, maar elke klacht die ik oplos en die met andere therapieën niet op te lossen waren, geeft me veel voldoening. En elke klacht die ik niet kan oplossen frustreert me en dwingt me om dieper te gaan, op zoek naar een oplossing.

Wat is je (levens)motto?

Behandel een ander, zoals jezelf behandeld wilt worden.

Wat zou je de lezers nog willen vertellen of meegeven?

Ik denk dat de meeste therapeuten in de kern idealisten zijn; mensen met het hart op de goede plek, die hun idealen van een betere wereld graag verwezenlijkt zien. De valkuil van idealisten – mijn valkuil – is dat het pad naar het ideaal bezaaid is met lijken. De scheidslijn tussen goed en slecht is zeer dun en ‘liefde’ is de enige barrière tussen die twee.

Aan wie geef jij straks het Estafette-stokje door?

Aan Christien van mijn intervisiegroep.